Zelfstandigen zonder personeel (zzp) hebben in het derde kwartaal van 2010 meer gewerkt dan in de drie maanden ervoor. Dat blijkt uit cijfers van zelfstandigenplatform Myler dat doorlopend de financiële positie van zijn leden onderzoekt. Ook zouden de ict-freelancers positiever zijn geworden over hun omzetverwachting.
Bijna drie kwart van de hoogopgeleide freelancers werkte van juli tot en met september wekelijks ruim 31 uur. Het percentage zzp’ers dat dit aantal uren behaalde, bleef een kwartaal eerder nog steken op 58 procent.
Het toegenomen aantal uren waarin de freelancers aan opdrachten werken, zorgt ervoor dat zij positiever zijn over de toekomst, zegt Mylers directeur Toon van Bodegom. ‘Veel hoogopgeleide zzp’ers voelen duidelijk het herstel van de Nederlandse economie’, stelt hij. ‘Er zijn meer opdrachten en hogere omzetten. We verwachten dat de markt voor hoogopgeleide zelfstandigen de komende tijd in hoger tempo zal aantrekken.’
Toename sinds zomervakantie
Computables loopbaanexpert Eric van der Palen ziet ook dat zijn orderportefeuille langzaam weer voller wordt. ‘Ik constateer een toename eigenlijk pas echt sinds de zomervakantie. Momenteel ben ik inderdaad druk met diverse projecten’, aldus de ict-consultant. ‘Het is nog wel heel voorzichtig allemaal: beloofde projecten vertragen nog steeds of worden om het minste of geringste nog een keer gewikt en gewogen en uitgesteld.’
Volgens Van Bodegom komt bijna drie kwart van de zzp’ers rond van zijn omzet. Dat is zeven procent meer dan een kwartaal eerder.
Ook zelfstandigen zonder personeel moeten zich houden aan alle arboregels voor veilig en gezond werken. Als het aan de Sociaal-Economische Raad (SER) ligt, gaan de regels voor bijvoorbeeld fysieke belasting of blootstelling aan geluid ook voor hen gelden.
Dat staat in een ontwerpadvies dat de raad dinsdag heeft gepubliceerd. Kern van het advies is dat alle werkenden, of dat nu werknemers of zzp’ers zijn, gelijke arbeidsomstandigheden moeten hebben. Nu gelden niet alle arboregels voor zzp’ers. Daardoor kan het voorkomen dat mensen die op dezelfde werkvloer werken, te maken hebben met verschillende regels.
De regels die werkenden moeten beschermen tegen ernstige risico’s gelden nu ook al voor iedereen. Dan gaat het bijvoorbeeld om voorschriften voor het werken met chemische stoffen, of regels die in de bouw het valgevaar moeten beperken. Maar de regels voor fysieke belasting behoren tot de voorschriften die nu niet voor zelfstandigen gelden.
Concurrentie voorkomen
De SER wil dat alle werkenden dezelfde bescherming tegen risico’s hebben. Op die manier wordt ook concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen.
Voorzitter Charles Verhoef van de FNV-bond voor zelfstandigen in de bouw is blij met het advies. ,,Wij pleiten daar al lang voor.”
Het aantal werknemers in de bouw is de afgelopen tien jaar met 42.000 afgenomen, constateert onderzoeksbureau EIM. In 2009 waren 383.000 werknemers in de bouw werkzaam. In 2000 nog 425.000.
Na de millenniumwisseling daalde het aantal werknemers naar 382.000 in het jaar 2005. Daarna klom het aantal bouwmedewerkers op tot 389.500 in 2008, het jaar dat de economische crisis uitbrak. Het aantal vaste banen kromp vervolgens met 6500 tot 383.000 in 2009.
De crisisjaren hebben volgens onderzoeksbureau EIM niet tot minder zzp’ers geleid. In tegendeel, het aantal zzp’ers was nog nooit zo groot als vorig jaar: 38.000. Charles Verhoef, voorzitter van vakbond FNV ZBO (zelfstandigen bouw) gelooft niets van stijgende aantallen zzp’ers de afgelopen jaren. “De cijfers kloppen misschien wel, maar het is niet zo”, zegt hij. “In werkelijkheid is het aantal zzp’ers afgenomen met 5000 en 10.000.” Dat de EIM-cijfers de laatste jaren zo hoog zijn, wijt Verhoef aan de verplichte inschrijving bij de Kamer van Koophandel. die sinds een paar jaar voor zzp’ers geldt.
De wens van bedrijven om verder te flexibiliseren heeft er de laatste jaren toe geleidt dat het aantal zzp-ers is gestegen. Door de economische conditie is het de verwachting dat deze trend zich de komende jaren zal voortzetten en de groep zelfstandige kenniswerkers verder groeit.
Onderzoek onder kennis zzp-ers, door NL kenniscoöperatie, heeft uitgewezen dat 95% van deze ondernemers meer samen wil werken. En dat deze behoefte voornamelijk bestaat uit het samen uitvoeren van opdrachten, acquisitie, netwerken en professionele ontwikkeling. In de week van ‘het nieuwe werken’ worden onder ander de mogelijkheden om dit te realiseren uitgelicht. Door de technische mogelijkheden van tegenwoordig zijn er mogelijkheden om samenwerking te vergemakkelijken. Één van de alternatieven is een werklocatie waar men tijdelijk of permanent kantoor kan ‘delen’ met soortgelijke ondernemers. Een voorbeeld hiervan is Inbox Business Center in Gouda. Hier tracht men een creatieve omgeving te creëren voor ondernemers die elkaar kunnen aanvullen. “Hierdoor ontstaat een fysiek “social network” waar kennis en business kunnen worden gedeeld” aldus dhr. Snelleman namens Inbox Business Center Gouda.
Het nieuwe kabinet heeft nieuwe plannen o.a. in de zorg beschreven in het regeer- en gedoogakkoord:
- ‘Het kabinet zet in op versterking van betere zorg dichtbij huis. Alle zorgverleners kunnen zelfstandig de taken uitvoeren waar zij het beste in zijn’
- ‘Het persoonsgebonden budget (PGB) biedt cliënten een grote keuzevrijheid om de zorg in te richten zoals zij dat willen. Om dit recht onverkort te handhaven wordt de PGBsubsidieregeling opgeheven en worden PGB’s wettelijk verankerd, met in achtneming van bestaande financiële kaders’
- ‘Het kabinet streeft naar verbetering van de kwaliteit van de ouderenzorg. Hiervoor is bijna 1 miljard euro vrijgemaakt.’ Maar ik lees en hoor ook dat de PGB’s met 3 procent worden gekort in 2011.
Voorbeeld door: Wieke Doevendans.
“Binnenkort is mijn site ‘Onbezorgd Thuis’ in de lucht. Daarin wil ik o.a. mijn uurtarieven in opnemen. Ik wil uiteraard dat mogelijke cliënten contact met mij zoeken maar wil niet door mijn belastingadviseur beticht worden van vrijwilligerswerk. Ik wil een eerlijke prijs voor mijn werkzaamheden waarvan ik vind dat die betrouwbaar, met kwaliteit en liefdevol worden uitgevoerd.”
Hoe bepaal je een uurtarief?
In haar optiek kun je het op twee manieren bekijken: vanuit jezelf of vanuit de cliënt. Bij de eerste neem je als uitgangspunt wat je zou moeten verdienen om ongeveer hetzelfde inkomen te hebben als wanneer je in vast dienstverband zou werken. Er zijn allerlei manieren om dat te berekenen. Volgens een gidsje als bijlage bij het Opzijnummer van mei 2009 over de startende zzp-er is een mooie vuistregel per jaar twintig keer het maandsalaris te rekenen. Wat je ook kunt doen is uitgaan van welke omzet je wilt halen en met wat rekentrucs je kosten en eventuele belastingvoordelen berekenen. Er zijn mensen die zich daar in verdiept hebben en er boeken over hebben geschreven met o.a. titels als: Handboek Freelancen, Prijzen & Tarievengids en Handboek voor de zzp-er. Ook kun je je tarief vergelijken met tarieven van bijvoorbeeld thuiszorgorganisaties of met functies als spv-er . Maar vergeet ook niet te verrekenen wat je te bieden hebt aan kwaliteit en ervaring, met andere woorden: Wat vind je dat je waard bent?
De tweede manier gaat uit van hoeveel geld mensen hebben om te besteden. Bij een bemiddeld persoon met een flinke spaarrekening is er geen vuiltje aan de lucht. Echter een 75-jarige man met een laag pensioen kan nauwelijks een eigen financiële bijdrage leveren en is afhankelijk van wat hij van de staat krijgt. Een goed hulpmiddel is dan de pgb-tabel met tarieven voor de verschillende soorten zorg en deze omrekenen naar in te zetten uren.
Daarnaast zijn er factoren die meewegen zoals het aantal potentiële klanten in je omgeving, de mate van belangrijkheid dat je werk hebt (ben je bijvoorbeeld kostwinner)en hoe groot is de concurrentie van andere zzp-ers. Kijk trouwens ook eens op sites van die andere zzp-ers in de zorg of bel ze op, hun tarieven zijn goed vergelijkingsmateriaal.
Je hoopt uiteindelijk ergens uit te komen waar je tevreden over bent maar tegelijkertijd bestaat het risico dat je onder de prijs gaat zitten omdat je als verpleegkundige niet zo sterk bent in onderhandelen. Of, je wilt niet dat een cliënt afhaakt vanwege het feit dat hij uit eigen portemonnee (meer) moet gaan betalen omdat bijvoorbeeld de pgb-tarieven met 3% verminderd worden volgend jaar.
Kortom, eenvoudig is het niet om een uurtarief te bepalen wat bij je past, het blijft wikken en wegen.